Interview in De Standaard van zaterdag 3 april 2010

03-04-2010

De Standaard 03/04/10Minister van Buitenlandse Zaken Steven Vanackere (CD&V) trok in januari voor het eerst naar Centraal-Afrika. Na die reis was de CD&V'er wekenlang buiten strijd met een virale infectie. 'Ik herinner mij dat ik in mijn hotel in Kinshasa een mug zag en dacht: tiens, dat is niet goed. Tien dagen later barstte de hel los. Het was verschrikkelijk. Plots had ik 39 graden koorts en dat was niet naar beneden te krijgen. Ook niet met medicijnen. Ik heb me nog nooit in mijn leven zo slecht gevoeld.'

Wat denkt een mens dan?

'Eigenlijk denk je op zo'n moment niet zoveel. Overdag was ik nogal aan de slappe kant en 's nachts had ik koortsdromen. Ik was voortdurend scènes aan het herbeleven. Ik heb in mijn dromen ontmoetingen gehad met de president van Oeganda. Dan hadden we het over zaken waarvan ik achteraf zei: dat had ik nog kunnen zeggen of doen. Zo heb ik ook 's nachts fictieve gesprekken met mijn Britse collega David Miliband over Afghanistan. Allemaal bijzonder merkwaardig. Sommigen zeggen dat ik malaria heb gehad, maar de artsen hebben nooit echt gevonden wat het nu precies was. Ze hebben veel tests gedaan, maar ik heb er niets blijvends aan overgehouden. Dat bestaat ook in het leven, eens keihard tegen een muur botsen. Maar op dit moment voel ik me weer echt goed en kan ik weer abnormale uren kloppen.'

Is dit ondanks dit incident nog altijd de job van uw leven?

'Alsmaar meer. In het begin heb je het gevoel: wat een schitterende baan, maar vraag je je ook af of je het wel gaat kunnen. Als je een paar maanden verder bent en je diplomaten reageren relatief enthousiast, dan krijg je het gevoel: oké, ik kan dit dus wel.'

Buitenlandse Zaken heeft op korte termijn heel wat ministers zien passeren.

'Ik maak niet graag vergelijkingen. Ik was daar zelfs wat door gestoord, dat men deed alsof ik vergelijkingen wilde uitlokken met mijn onrechtstreekse voorganger (Open VLD-minister Karel De Gucht, red.). Men probeert dan in de verf te zetten dat er een groot stijlverschil is. Voor een aantal zaken lopen onze analyses veel meer gelijk dan men denkt. Mijn kritische blik op Congo doet niet onder voor de analyses die een jaar geleden werden gemaakt. Het grote verschil is ongetwijfeld de stijl.'

'Dat is voor een stuk een bewuste keuze. Ik denk dat mijn stijl meer oplevert. Het is de manier van diplomatie bedrijven zoals dat gebeurde voor Louis Michel (MR) in 1999 minister van Buitenlandse Zaken werd. Eigenlijk is het ook de internationale manier, waarbij men heel goed beseft dat je een poosje zonder invloed bent als je de communicatielijnen verbreekt. Kijk maar hoe mensen als de Brit David Miliband of mijn Franse collega Bernard Kouchner functioneren.'

'Naast die bewuste keuze heeft het ook te maken met hoe ik ben. Ik heb in België altijd op dezelfde manier gewerkt. Dan is het logisch om dat in de buitenlandse politiek ook te doen. Ik heb de vaste overtuiging dat je met je gesprekspartners van mening moet kunnen verschillen, maar op een manier dat je als mens ook een relatie hebt. Die relatie moet niet alleen sterk genoeg zijn om van mening te kunnen verschillen, maar ook om elkaar ergens halfweg tegemoet te komen.'

Er is de voorbije maanden heel wat heisa geweest over Congo.

'Ik vind het jammer dat het Congo-debat in ons land heel snel gefocust wordt op zaken die eigenlijk randfenomenen zijn. Als je de hele problematiek bekijkt, hebben die zaken geen enkele betekenis. Veel observatoren uit ngo's of universiteiten vinden dat ook storend. Gaat de koning wel of niet, stapt er iemand wel of niet mee in het defilé... Ik vind het veel relevanter om te spreken over andere zaken. Hoe zorgen we ervoor dat de ontginning van grondstoffen eens op een ordentelijke manier gebeurt zodat er wat fiscale ontvangsten zijn, wat doen we met de veiligheid van Oost-Congo?'

'Met dat laatste dossier ben ik achter de schermen nogal intensief bezig geweest omdat het voor de Belgische diplomatie een lakmoesproef kan zijn. We kunnen aantonen dat een andere manier om met Congo om te gaan ook resultaten oplevert. Ik heb er al met de Engelsen en de Fransen over gesproken. En binnenkort ga ik naar Washington om er met Hillary Clinton over te spreken.'

'Ik weet wel dat de Congolese overheid van die blauwhelmen vindt: hoe sneller ze vertrekken, hoe beter. Ofwel kan ik dan zeggen: wat een domme positie, want jullie zijn niet in staat het zelf te doen. Maar ik vind het hoffelijker om het signaal "kunnen de VN hier niet vertrekken" te interpreteren als de wil om te werken aan een overheid die het probleem zelf kan oplossen. Als je op die toon met ze spreekt, durven de Congolese ministers ook over hun zwakheden te spreken. Zo'n transparantie krijg je niet als je binnenkomt en zegt: "Jullie zijn onbekwaam". De toekomst zal het uitwijzen, maar ik denk dat het een manier van werken is die meer zal opleveren.'

Men verwijt u soms een grijze figuur te zijn?

'Ach. Men stelt ook af en toe vast dat ik met een akkoord voor de dag kom waarvan men niet eens heeft gezien hoe het tot stand is gekomen. Ik vind dat je eerst goed moet spreken met de mensen en pas met resultaten moet komen als alles rond is. Levert mij dat een grijze reputatie op, dan is dat maar zo. Zolang het mij een efficiëntie reputatie oplevert, kan ik daar gerust mee leven.'

Een partijgenoot zei ooit dat het politieke centrum van de macht van Vanackere bij het ACW ligt.

'Dat is onzin. Ik ga niet ontkennen dat ik ideologisch dicht bij de christelijke arbeidersbeweging sta, maar ik rij heus niet alleen voor de christelijke zuil. Vraag aan mensen van socialistische of andere organisaties hoe ik als Vlaamse minister van Welzijn heb gewerkt. Vraag aan Amnesty International of ze hier welkom zijn. Dat zijn mensen met ongelooflijk veel expertise. Zonder dat soort organisaties kan je geen goede politiek voeren.'

Op het partijbureau na de verkiezingen werd u toch op de vingers getikt voor de lagere score in Brussel?

'De vraag is waarom CD&V niet goed scoort in de steden. De scores in Antwerpen of Gent zijn vergelijkbaar met die in Brussel. We hebben daar werk aan de winkel. CD&V moet duidelijk kunnen maken dat het niet de overheid is die mensen sterker maken, maar netwerken. Dat kunnen families zijn, maar ook organisaties die werken vanuit een bepaald engagement.'

Is dat een oplossing voor de samenlevingsproblemen in Brussel?

'In Brussel zijn er zich dingen aan het ontwikkelen in de meest verschillende domeinen. Hoopvol Brussel is bijvoorbeeld een vzw die moslims, boeddhisten, christenen of vrijzinnigen bijeenbrengt om te zoeken naar wat hen verenigt in plaats van naar wat hen scheidt. En dat ook aan de bevolking wil duidelijk maken. Wel, dat marcheert.'

Is dat geen druppel op een hete plaat?

'Natuurlijk. Maar het is daarmee dat je moet beginnen. We zitten echt op een scharniermoment. Ook in de steden. Er is een humanisering nodig van de steden om ze leefbaar te maken.'

U bent zelf gelovig. Onlangs zei u: 'Ik ben ervan overtuigd dat ook in deze zogezegd moeilijke tijden het geloof onze redding zal blijken te zijn.'

'Dat is een citaat uit een getuigenis voor een pastorale ploeg in Jette en niet iets wat ik in het parlement ga debiteren. Iedereen mag weten dat ik gelovig ben. Ik sta voor wat ik daar zeg, maar je moet de uitspraken in hun context zien. Het ging om een lezing over de vraag waar het met Europa naartoe gaat. Ik ben ervan overtuigd dat het geloof een bron van redding is, een bron van heil. En dan gaat het niet alleen over mijn geloof, maar ook over andere religies en zelfs over vrijzinnigen met een sterke overtuiging. Zolang mensen maar afstappen van het banale 'iets'-isme, zolang ze maar afstappen van de redenering dat ze niet willen weten wat het grotere plaatje is omdat ze bezig zijn met consumeren.'

'Overtuigingen roepen de mens op buiten zichzelf te treden, om niet alleen in zijn eigen lot geïnteresseerd te zijn. Vertaald naar het christelijke geloof betekent het dat alle mensen kinderen van God zijn en dus broeders en zusters. De mens die helemaal niet op je lijkt, is anders, heeft misschien geen papieren, maar je moet er respect voor opbrengen dat verder gaat dan je eigen egoïsme. Ik ben daarmee in goed gezelschap. Nicolas Sarkozy, de president van een laïcistisch land bij uitstek, heeft zelfs een boek over het belang van godsdiensten geschreven.'

Speelt uw geloof een politieke rol?

'Mijn geloof is geen onderdeel van mijn politieke strategie. Maar ik vertik het om het te verstoppen. Ik koketteer er niet mee. Maar als ik er vragen over krijg, zwijg ik er niet over. Daarvoor is het te waardevol. Ik hoop alleen dat we een iets relaxter maatschappelijk debat over het geloof zouden kunnen voeren. Vlaanderen heeft lang geworsteld met het afschudden van een te zwaar kerkelijk juk. Maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat dit vooral het verhaal was van de generatie voor de mijne. Hugo Claus heeft die periode met een fantastisch talent beschreven. Maar zoveel jonge mensen zijn er vandaag toch niet die door paters in hoeken zijn geduwd of het verbod hebben gekregen bepaalde kleren te dragen. Het wordt tijd om te kijken wat voor positiefs we kunnen halen uit het feit dat mensen overtuigingen hebben. We worden daarbij extra uitgedaagd door de mensen in ons land die daar vanuit hun moslim-zijn veel zelfverzekerder mee omspringen.'

Wat vindt u ervan dat auteur Benno Barnard geen lezing kan houden over de islam?

'Ik denk dat we als westerse samenleving uiterst veeleisend moeten zijn als het over de vrije meningsuiting gaat. Wij moeten duidelijk maken dat er in het Westen geen enkele reden kan bestaan om mensen het zwijgen op te leggen. Als je dat wel doet, kan je eindigen met het verbranden van boeken. Het verhinderen van een lezing is dus totaal onaanvaardbaar. Iets compleet anders is dat iedereen in onze samenleving op een bepaald punt moet oordelen of hij veel bereikt met beledigingen.'

Volgens sommige politici was het vroeger beter.

'Vroeger werkte de politiek niet beter. Het grote verschil is de onmiddellijkheid, het immediatisme. Dat leidt vaak tot een merkwaardige vorm van toneelspelen. De journalist stelt 's ochtends om 6.45 uur als het kan en om 7.45 uur als het moet een vraag aan de politicus. Die laatste antwoordt alsof hij alle antwoorden weet en die dialoog komt op de radio. Je hoort niemand zeggen: 'Hmm, dat is best een interessante vraag. Ik zoek even een aantal dingen op en ga er met mijn medewerkers en andere mensen over nadenken." Zo'n antwoord is onmogelijk.'

'Het beeld van de politicus die hapklare antwoorden heeft op om het even welke vraag, beheerst ons en dwingt ons dingen te zeggen. Dan kan je niet meer van mening veranderen of je krijgt te horen dat je terugkomt op je woorden en een bocht maakt. Als je resultaten wilt halen, moet je volgens mij af en toe eens zwijgen om de kans te hebben geen stommiteiten te zeggen.'

U bent ook minister van Institutionele Hervormingen. Is dat ook de job van uw leven?

(zucht) 'Nee. De meeste politici willen de samenleving rechtvaardiger, solidairder maken. Staatshervorming gaat meer over de werktuigen of de manier om dat te doen. Dat is niet het meest begeesterende. Maar dit land kan veel efficiënter. Het gaat soms moeilijk vooruit in België omdat we met een consensusmachine zitten. Ons land is de voorbije decennia sterk geëvolueerd, maar tegelijk is er heel wat vergrendeld en gebetonneerd. Met meer responsabilisering zullen we er allemaal op vooruitgaan, dat is een eerbaar standpunt. Maar aan de andere kant gelooft men dat niet. Men beschouwt het niet als een verhaal van responsabilisering, maar als een verlatingsverhaal.'

Begrijpt u die verlatingsangst van de Franstaligen?

'Ik kan ontwaren waar dat gevoel vandaan komt, maar vindt het overdreven. Uit mijn contacten met Franstaligen weet ik ook dat er veel misverstanden bestaan. Die hebben te maken met de manier waarop sommige van onze thema's zijn aangebracht. Iedereen is gefocust op de felste en de hardste verklaringen. Daardoor is een karikatuur ontstaan van wat in Vlaanderen leeft. Het Vlaamse standpunt kan veel positiever worden geformuleerd. Ik spreek altijd over responsabilisering. Anders krijg je het 'I want my money back'-discours van de gewezen Britse premier Margaret Thatcher.'

'Sorry dat ik even in een oppositieverhaal terechtkom. Maar een van de redenen waarom we vandaag staan waar we staan, is omdat men onder paars acht jaar lang geen centimeter is opgeschoven. De niet-egoïstische analyse om de financiële verantwoordelijkheid te leggen op het niveau dat beslist, is acht jaar lang onder de mat geveegd. Iedereen moet in de spiegel kijken. In de campagne van 2007 en wat er daarna is gebeurd, is er een niet-zorgvuldig discours gehanteerd. Er zijn te veel signalen gegeven die anders geïnterpreteerd konden worden. De N-VA-vrachtwagens met geld die naar de scheepslift van Strépy-Thieu reden, zijn daar een voorbeeld van. Zulke zaken zijn op het netvlies van de Franstalige publieke opinie gebrand.'

Het was ook wel CD&V die in het kartel CD&V/N-VA voor de verkiezingen de grote communautaire doorbraak aankondigde?

'Ik heb een hekel aan mensen die achteraf zeggen: ik heb het altijd gezegd. Maar in dit geval heb ik het ook wel echt altijd gezegd. Tijdens de campagne van 2007 heb ik altijd verklaard dat er een verkiezingszondag was en we dan moesten slagen als partij. Maar ik heb letterlijk gezegd: wat met de maandag? Ondertussen zijn we door de grootste economische en financiële crisis ingehaald. Dat we toen onze prioriteiten hebben bijgesteld, is maar normaal.' .

Vandaag gaat het echter opnieuw over BHV. U hebt heel scherp gereageerd op de uitlatingen van FDF-voorzitter Olivier Maingain?

(ferm) 'Maar zijn vergelijking tussen de niet-benoeming van drie burgemeesters en de Duitse bezetting was er ook zwaar over. Ik ben de kleinzoon van een burgemeester die is afgezet door Duitsers. Ik besef dus maar al te goed wat de waarde is van die vergelijking. De kern van zijn verhaal is natuurlijk dat de houding van de Vlamingen gelijk is aan die van de Duitse bezetter. Dat is fundamenteel belligerent. Voor iemand die beweert verantwoordelijkheid te willen dragen, is dat een bijzonder kwetsende uitlating. Dat is on-aan-vaard-baar. Maar ten gronde heeft het weinig te betekenen. Het zijn niet Olivier Maingain of Geert Bourgeois (N-VA) die zullen bepalen of de opdracht van Jean-Luc Dehaene zal lukken, wel de voorzitters van de regeringspartijen.'

MR-voorzitter Didier Reynders spreekt Maingain alvast niet tegen.

'Ik ben vooral geïnteresseerd in de reactie van Didier Reynders op datgene wat Dehaene zal voorstellen.'

Gelooft u zelf nog in een onderhandelde oplossing voor BHV?

'Het zou niet verstandig zijn om daar commentaar op te geven. Ik stel alleen vast dat de mensen snakken naar het einde van deze historie.'

U bent zeer discreet over uw privéleven. Is Steven Vanackere alleen opgetrokken uit politiek?

'Ik laat het publiek niet toe in dat deel van mijn leven. In de eerste plaats is dat goed voor mijn omgeving. Mijn vrouw heeft geen ambitie om in de kijker te lopen en ik vind dat slim. Misschien verlies ik daardoor links of rechts een stem. Dat neem ik er dan graag bij. Laat politici beoordeeld worden op wat ze zeggen en doen. Niet op hoe ze thuis in hun pyjama zitten.'

Recente foto's

.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.

Zoeken