Notionele intrestaftrek moet opnieuw op tekentafel

27-01-2012

De regering-Di Rupo moet de notionele interestaftrek nog maar eens bijsturen. De Europese Commissie geeft België daarvoor twee maanden, zoniet verhuist het dossier naar het Europees Hof van Justitie. De notionele interestaftrek is een fiscaal voordeel voor bedrijven met veel eigen vermogen. Wat de Commissie stoort, is dat het systeem in strijd is met het vrij verkeer van kapitaal en de vrijheid van vestiging, twee Europese basisregels. Het systeem ontmoedigt bedrijven te investeren in het buitenland, omdat de aftrek niet geldt voor filialen of kantoren buiten ons land, oordeelt de Commissie. Ze stipt wel expliciet aan dat ze het systeem op zich niet ter discussie stelt. De Europese Commissie waarschuwde ons land al in 2009 voor het probleem, na een klacht van Luxemburg. Maar vreemd genoeg ondernam de toenmalige regering geen stappen om het systeem bij te sturen. Dat zal nu wel gebeuren, laat het kabinet van minister van Financiën Steven Vanackere verstaan. 'Er zal worden tegemoetgekomen aan de bezorgdheid van de Commissie. Indien nodig zal de wetgeving worden aangepast.' Wat de precieze impact is van de Europese demarche, wordt nog bestudeerd, luidt het bij Vanackere.

KOSTPRIJS
Als de regering zonder meer de notionele interestaftrek openstelt voor buitenlandse kantoren, zal dat de kostprijs van het systeem fors doen stijgen. De hoogte van de extra kosten is nog onduidelijk al spreken regeringsbronnen over 'een aanzienlijk extra kostenplaatje'. Volgens Eric Warson, partner bij KPMG, kan een hoge extra budgettaire kostprijs worden vermeden. 'Het is vrij eenvoudig via een bijsturing de Commissie tegemoet te komen.' Dat zou welgekomen zijn, want een begrotings- tegenvaller komt de regering slecht uit. Volgende maand moet ze bij de begrotingscontrole enkele miljarden vinden om de begroting op koers te houden. Eind vorig jaar besliste de regering al om de notionele intrestaftrek bij te sturen in een poging de kostprijs te drukken. De maatregel werd geplafonneerd op 3 procent in plaats van op 3,4 procent. Dat betekent dat nog slechts 3 procent van het eigen vermogen afgetrokken mag worden van de belastbare winst. Ook mag de intrestaftrek niet meer worden overgedragen naar een volgend jaar. Dat moet samen 1,6 miljard euro opbrengen. Bij die ingreep werd echter geen rekening gehouden met de opmerkingen die de Europese Commissie in 2009 maakte en nu herhaalt.

(De Tijd, 27 januari 2012

Recente foto's

.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.

Zoeken